Home > Investor Relations > Persberichten > Persbericht
![]()
PERSBERICHT
Ter Beke wint in eerste aanleg de gerechtelijke procedure in verband met hangend captive-geschil
Waarschoot 8 mei 2007 – De Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent vernietigt de supplementaire aanslag die aan Ter Beke was opgelegd inzake de captive-herverzekeringsstructuur.
Een herverzekeringscaptive is een erkende herverzekeringsmaatschappij die een groot deel van het risico herverzekert dat een verzekeringsmaatschappij loopt onder bepaalde verzekeringspolissen. Dergelijke herverzekeringmaatschappij behoort tot de vennootschapsgroep waartoe tevens de uiteindelijke verzekeringnemer van deze polissen behoort.
Het werken met een eigen verzekerings- of herverzekeringscaptive laat bedrijven toe risico’s te verzekeren die zij anders niet of enkel aan een onverantwoorde kost zou kunnen verzekeren, en tegelijkertijd de verzekeringspremies grotendeels binnen de groep te houden. Deze “captive techniek” wordt internationaal algemeen aanvaard.
Ter Beke verzekert zich op deze wijze sinds 1992 tegen
(1) financiële verliezen veroorzaakt door grondstoffenschaarste en/of de abnormale stijging van de grondstoffenprijs,
(2) de financiële schade veroorzaakt door het uit de markt terugroepen van een product (product recall),
(3) het risico van oninbaarheid van handelsvorderingen (kredietverzekering).
Ter Beke onderschrijft daartoe polissen bij een Belgische verzekeringsmaatschappij, die op haar beurt een groot deel van haar risico herverzekert bij Ter Beke Luxembourg SA (de ‘herverzekeringscaptive’), een vennootschap die behoort tot de groep Ter Beke en die erkend is als herverzekeringsmaatschappij onder de Luxemburgse wetgeving.
In de loop der jaren deed Ter Beke herhaaldelijk aangiftes onder deze verzekeringen naar aanleiding van concrete schadegevallen en werd zij door haar verzekeraar uitbetaald.
In oktober 2000 ontving Ter Beke voor aanslagjaar 1998 een bericht van wijziging waarin bovenvermelde verzekeringsstructuur door de fiscus als ‘veinzing’ werd aangemerkt. De BBI stelt daarin dat een herverzekering bij een groepsvennootschap afbreuk doet aan de waarachtigheid van de verzekeringsovereenkomsten, en dat Ter Beke in feite een "voorziening buiten balans" heeft aangelegd. Hieruit leidt de BBI af dat Ter Beke een (niet-geboekte) vordering heeft op de Luxemburgse herverzekeringsmaatschappij die als een "onderschatting van actief" belast zou kunnen worden.
Op deze basis werd voor aanslagjaar 1998 de belastbare winst van Ter Beke verhoogd met 7,7 miljoen EUR, met name het bedrag van de reserves die de Luxemburgse herverzekeringsmaatschappij heeft aangelegd. Dit resulteerde in een bijkomende aanslag van ong. 4 miljoen EUR. Ook voor de daaropvolgende aanslagjaren heeft de fiscus de belastbare basis van Ter Beke verhoogd, telkens wanneer de reserves bij de Luxemburgse herverzekeringsmaatschappij aangroeiden.
Ter Beke heeft tegen al deze supplementaire aanslagen bezwaar ingediend.
Aangezien de Gewestelijke Directie nooit een beslissing heeft genomen omtrent deze bezwaarschriften en aangezien het bedrag van de supplementaire aanslagen jaarlijks blijft toenemen, heeft Ter Beke op 30 juni 2005 een juridische procedure opgestart tegen de fiscus, en dit voor aanslagjaar 1998.
In de juridische procedure werd geargumenteerd dat de verzekering in combinatie met de herverzekering bij een groepsvennootschap fiscaal niet als een “voorziening buiten balans” kan worden aangemerkt, aangezien Ter Beke juridisch geen rechtstreekse vordering heeft op de herverzekeringsmaatschappij. Dit betekent dat een aanslag werd gevestigd op een juridisch niet-bestaande vordering, hetgeen strijdig is met het principe dat belasting moet wordt geheven op de werkelijkheid.
De drie rechters van de Rechtbank Eerste Aanleg te Gent hebben, in een omstandig gemotiveerd vonnis van 4 mei 2007, de stelling van Ter Beke bijgetreden. Ter Beke heeft alle gevolgen van de gestelde rechtshandelingen aanvaard, zodat de fiscale administratie de juridische realiteit van de verzekeringsstructuur moet respecteren. De aanslag “onderschatting van actief” wordt dan ook vernietigd.
Volgens de raadsman van Ter Beke, Mr Patrick Smet (vennoot Allen & Overy), heeft bij de beoordeling meegespeeld dat Ter Beke een juist gebruik heeft gemaakt van de herverzekeringsstructuur: er worden enkel reële ondernemingsrisico’s verzekerd, de betaalde premies zijn marktconform, en er zijn significante schade-uitkeringen geweest (die in hoofde van Ter Beke uiteraard belast zijn geweest).
Aangezien het een uitspraak in eerste aanleg betreft, heeft de fiscale administratie de mogelijkheid om tegen deze uitspraak in beroep te gaan. Ter Beke is evenwel hoopvol dat het Hof van beroep te Gent in geval van beroep tot dezelfde conclusie zal komen.
Daarnaast heeft de fiscale administratie in bepaalde gevallen, wanneer een aanslag om technische redenen wordt vernietigd, de mogelijkheid om een vervangende aanslag te vestigen (bijvoorbeeld op basis van een verwerping van de fiscale aftrek van de verzekeringspremies). Aangezien de aanslag “onderschatting van actief” niet werd vernietigd om technische redenen maar wel omdat de fiscale administratie de juridische realiteit van de verzekeringsstructuur moet respecteren, verwacht Ter Beke niet dat dergelijke hertaxatie ten gronde mogelijk is. Bovendien had Ter Beke de Rechtbank verzocht om te beslissen dat ook om procedure-technische redenen dergelijke hertaxatie niet mogelijk is. De Rechtbank heeft de heropening van de debatten bevolen teneinde partijen toe te laten te concluderen over dit procedureel punt.
Deze gunstige uitspraak heeft geen invloed op de geconsolideerde IFRS-cijfers van de groep Ter Beke, aangezien de groep de nodige uitgestelde belastingen voorzien heeft. De uitspraak heeft, behoudens hervorming in hoger beroep of hertaxatie, wel tot gevolg dat de Ter Beke groep deze uitgestelde belastingen niet op korte termijn effectief dient te betalen.
Indien u vragen voor verdere informatie heeft kan u contact opnemen met:
René Stevens
Group CFO
Tel: +32 9 370 13 45
René.stevens@terbeke.be
TER BEKE KORT
Ter Beke (Euronext Brussel: TERB) is een innoverende Belgische verse
voedingsgroep die zijn assortiment commercialiseert in 10 Europese landen. De
groep heeft 2 kernactiviteiten: vleeswaren en verse bereide gerechten, beschikt
over 9 industriële vestigingen in België, Nederland en Frankrijk en telt ruim
1 700 medewerkers.
Divisie Vleeswaren: TerBeke-Pluma NV
- producent van fijne vleeswaren voor de Benelux en paté voor Duitsland en het Verenigd Koninkrijk
- 5 productievestigingen in België (Wommelgem, Waarschoot, Marche-en-Famenne, Herstal en Ruiselede) en 3 centra voor versnijding en verpakking van vleeswaren waarvan 2 in België (Wommelgem en Veurne) en 1 in Nederland (Milsbeek)
- innoverend in het segment van voorverpakte vleeswaren
- distributiemerken en eigen merknamen L'Ardennaise, Daniël Coopman en Pluma
- ongeveer 900 medewerkers
Divisie Bereide Gerechten: FreshMeals NV
- producent van verse bereide gerechten voor de Europese markt
- marktleider in verse lasagne in Europa
- 3 productievestigingen waarvan 2 in België (Wanze en Marche-en-Famenne) en 1 in Frankrijk (Alby-sur-Chéran)
- merknamen Come a casa, Pronto en Vamos naast distributiemerken
- ongeveer 800 medewerkers